Category Archives: Breien

Wat ik maakte: een rommeltje

Een sok opzetten valt niet mee.

Ik begin te vermoeden dat dit (prachtige, veelkleurig blauwe, zachte, van K:)dootje gekregen) garen geen sok wil worden. Het is dun genoeg voor pennen 2,5, het bevat wol, zijde en een beetje nylon voor de slijtvastheid. Dat doet vermoeden dat je met een sokkenwol te maken hebt, toch? Het heet Fine Art en het blijkt een enorme kunst te zijn om hiervan een sok te beginnen. Ik begon met een “super stretchy knotted cast on” uit het naslagwerk Cast on, bind off. Dat gaf een rijtje bobbelige knoopjes bovenlangs de nieuw begonnen sok, dus ik haalde het weer uit. Daarna deed ik hetzelfde maar met een enkele draad en zonder de knoopjes, maar dat zag er niet mooi maar vooral niet erg stevig uit. Ook weer uitgehaald. Daarna begon ik met een gebreide opzet over een heel dikke naald zodat het randje rekbaar zou blijven. Het zag er prachtig uit, maar na anderhalve centimeter boordsteek  breien ontdekte ik dat ik een steek te veel had. Wéér uitgehaald. En toen ik het eindelijk goed had trok ik zélf onnadenkend een naald uit het werk. Grom.

Wat ik vandaag voltooide: Sokken

20 januari 2017:

Een paar sokken

Zo simpel als maar kan: maatje 39, van boven naar beneden gebreid met 64 steken in tricotsteek en een verstevigde hiel. De balband was al lang geleden kwijt maar ik denk dat het een van de vele varianten van Online Supersocke is. Vooral in de trein en in de auto gebreid en ook een beetje in gezelschap, want een sok kan ik breien zonder ernaar te kijken of er zelfs maar bij na te denken. In tegenstelling tot mijn veeleisende geliefde Katherine Howard, als ik daaraan werk vereist het mijn volle aandacht. Ik was gewoon een klein beetje vergeten wat een prettig breiwerk een sok is. En wat een fijn resultaat… ik heb er blije voeten van. Voor het volgende paar heb ik al een knot wol opgezocht.

Wat ik maakte: Een stuk sok

13 december 2016:

Een oude liefde opnieuw omarmd

Vanzelfsprekend kan de veeleisende Katherine Howard (ik bedoel natuurlijk mijn breiwerk) niet mee op reis. Dus mag ik er een klein breiwerkje naast hebben, voor bij de film of in de trein. Ik heb tientallen sokken gebreid sinds ik leerde hoe dat moest, vooral nadat ik in 2003 de zelfstrepende sokkenwolletjes ontdekte. Maar de laatste jaren had ik niet zo’n zin meer in sokken (hoewel ik natuurlijk een voorraad sokkenwol heb waarmee ik tot mijn 84e  nonstop zou kunnen breien). Vorige week had ik koude voeten, ik trok een zelfgebreid paar aan en dat zat zó lekker… dat ik nu alweer een heel stuk sok heb. In de trein, auto en bioscoop gebreid.

Wat ik maakte: Een rugpand.

8 december 2016

ongeveer een derde deel van Katherine Howard

Het is niet dat ik niet breide, de afgelopen maanden, maar Katherine Howard, het vest dat ik op de pennen heb is geen klein klusje. Eergisteren voltooide ik het achterpand, gisteravond besteedde ik uren aan het afhechten van alle draadeindjes. Nu nog twee voorpanden, en twee mouwen. En de kraag. Wat een hoop te doen nog, wat wordt het mooi!

Wat ik maakte: Orde

28 september 2016:

visjes aan mijn breiwerk

160928visjes

Ik ben nogal monomaan aan mijn mooie blauwe vest aan het werk. Het meest tijdrovende van het hele project is al die bolletjes een beetje uit de knoop houden. Daarvoor heb ik nu een hele school plastic visjes aangeschaft. Eens kijken of dit systeem het tempo wat bevordert…. Elke dag een stukje toegevoegd aan dit vest is, hoewel ik het geweldig vind om te doen, weinig interessant als blogmateriaal.

Wat ik maakte op vakantie: een stuk breiwerk

van 22 augustus tot 12 september: vest

160912khvoorkant

Ik breide een heel stuk van het achterpand van mijn nieuwe vest. Het was een heel leerproces; ik heb nog nooit eerder zoiets ingewikkelds gemaakt. De donkerblauwe draad is doorlopend, maar de lichtere strepen hebben allemaal hun eigen knotje. Achter het werk kruisen de draden bij elke kleurwisseling.  Op elk kruispunt van de smalle strepen zit een “bobbeltje” dat nog weer van een aparte kleur is, dus elk bobbeltje is een kort stukje draad.

Ongelooflijk veel eindjes om af te hechten, dus. Ik doe dat zoveel mogelijk tussen de bedrijven door. Want het gáát al niet zo snel, dit breiwerk. Stel dat het (ooit) helemaal klaar is en ik moet nog duizenden draadeindjes afhechten… De achterkant ziet er dus zo uit:

160912kh-achterzijde

 

160912khrommeltje

Elke keer als mijn breiwerk uit de tas kwam zag het er zo uit, en was ik een half uur bezig met het ontwarren van alle bolletjes. Nu we weer thuis zijn ligt het op een speciaal daavoor gereserveerd tafeltje. Het is, gedoe met knotjes en af te hechten draadeindjes en al, een heel fijn breiwerk. De wol is prachtig, een beetje fluwelig.

Wat ik maakte: Een begin

20 augustus 2016:

Een nieuw project opgezet

160816bolletjes

Alle strengen prachtige blauwe wol zijn veranderd in bollen prachtige blauwe wol. Het patroon is degelijk bestudeerd want er is weinig erger dan veertig naalden van iets Heel Moeilijks breien en dan te lezen: Minder ondertussen aan weerszijden twintig keer twee steken.. Of zoiets. Er is een proeflapje gebreid, dat is gewassen en gemeten en geteld, de juiste breinaalden en andere gereedschappen bij elkaar gezocht en een leuke projecttas erbij. Katherine Howard gaat me de komende maanden bezig houden.

Wat ik maakte: een vest

17 augustus 2016:

een vest.

160816vest3

De spreekwoordelijke mussen vallen van het dak, dus op dit moment heb ik dit zojuist voltooide vest niet nodig. Maar het wordt weer winter, ooit. Ik maakte dit vest al eens eerder in het groen en dat heb ik vaak en graag gedragen. Dus ik kocht hetzelfde garen (Wollmeise DK) in een andere kleur, ik koos na lang twijfelen voor de kleur “petit poison” en herhaalde het kunstje. De groene is assymmetrisch, deze rodekoolkleurige* heb ik een kabel langs beide voorpanden gegeven. Ik ben er érg blij mee! Maar ik was ook blij dat hij weer uit mocht, toen de foto gemaakt was… het vest mag in de kast tot november. Minstens.

De term “rodekoolvest” komt voor rekening van K:)dootje

 

Wat ik vandaag maakte: Een proeflapje

6 augustus 2016:

één “thistle”

160806proeflapje thistle

Voor de Engeland-weekeindtrip kocht ik twee bollen grijs Kauni-garen en één blauw-paarse. Al die uren in de bus, op de boot, ik voorzag dat ik toch minstens een sjaal kon breien. Dat viel tegen: De plek in de bus was aan de smalle kant en buiten dat kregen we in de bus pakketjes wol uitgereikt om zelf alvast wat aan “planned pooling” te doen. Dat was leuk dus geen enkel probleem. Toch zag ik kans om een begin te maken met een Spectra-sjaal, die me, eenmaal terug thuis, niets beviel. Vooral het grote verschil tussen de voor- en achterkant vond ik niet fijn, en ook de verkorte toeren zijn mijn ding niet. Al die korte pennetjes…. Ik heb hem niet gefotografeerd maar wel weer uitgehaald. Op mijn verlanglijstje staat al heel lang de Thistle shawl, vandaag maakte ik daarvoor met het Kauni garen een proeflapje. Dat wordt wel wat, vermoed ik, ik vind vooral het heraldische ervan erg leuk.* Maar eerst heb ik een bijna-voltooid vest, wat opgevolgd gaat worden door een Groot en Moeilijk project dat staat te trappelen in de wachtkamer… ook een babyvestje en een sjaal met ballen hangen in diverse projecttasjes rond in huis. Dus mag de Thistle nog even wachten.

*Waarbij mag worden opgemerkt dat ook de Thistle shawl een lelijke achterkant heeft. Ik ben niet consequent, ik weet het.

 

Wat ik maakte: Een busreis naar Londen

29-31 juli 2016:

Een workshop in Londen

160730missoni

Loret Karman organiseerde een “Busje breien” naar Londen. Vrijdagavond met zeventien breiers in een bus, zaterdagochtend vroeg arriveren in Londen. Daar een dag doorbrengen met een workshop in het Fashion and Textile Museum, waar op dit moment een tentoonstelling over de Italiaanse modeontwerper Missoni gaande is. Zaterdagavond weer in de bus, zondagochtend weer in Nederland. Het museum was prachtig en de workshop bijzonder inspirerend. Grappig dat ik, nadat ik in de loop van de dag de schilderijen en kledingstukken een keer of wat met steeds een andere opdracht bekeek, ze ook heel anders zag dan aan het begin. Zoiets geeft je wel stof tot nadenken.  Ik zag ook kans om tussendoor nog wat te winkelen op de BoroughMarket (heerlijke kaas!) Zo’n nachtelijke busreis, dat is wel een Spartaanse manier van reizen. Slapen in een krappe stoel, elke paar uur is er iets aan de hand waarvoor je wakker moet worden: paspoortcontrole, een boot… Hulde aan Echtgenoot Yep die me ‘s morgens om half vijf (!!) bij een verlaten metrostation in Rotterdam kwam ophalen. Het kostte me de hele zondag om er van te herstellen. Maar wat was het leuk!

Ernestine schreef er ook over.