Blije sok

Pairfect volgens Arne en Carlos

Regia brengt een serie sokkenwol op de markt die op een heel speciale manier zelfstrepend is. Er zijn verschillende kleurstellingen, ik kocht een bol naar ontwerp van de vrolijke vrienden Arne en Carlos.  Het idee is dat je een sok begint te breien op de plaats waar de gele draad ophoudt. Dan brei je de boord tot de kleur wisselt -naar rood in mijn geval-, dan volgt het beengedeelte tot het rood weer verschijnt. Daarna de hiel, weer een stukje rood en dan de voet tot de sok groot genoeg is. Vervolgens wikkel je de bol af tot er weer een gele draad tevoorschijn komt en herhaal je het hele kunstje, waardoor je uiteindelijk twee precies identieke sokken hebt. Ik breide voor dit exemplaar eerst mijn “gewone” Hollandse Hiel: hielflap, kleine hiel en spie. Maar daarvoor bleek het blauwe garen op hielhoogte nét te kort. Ik haalde het weer uit en  maakte er een “short row heel” van, de eerste in mijn hele brei-carriere. Echt waar! Ik weet nog niet wat ik van deze hielconstructie vind, het is een beetje puntig. Maar spiegelbeeldig is hij in ieder geval wél, en dat is fijn. Voor deze sokken zelfs fijner dan anders. (Ik werd ooit uitgemaakt voor “queen of symmetry” en dat was niet helemaal onterecht.)
Het systeem moet natuurlijk werken voor alle schoenmaten, gevolg is dat het “been” langer is dan ik het voor mijzelf meestal maak. En ik zou een wat groter stuk blauw in de teen leuk hebben gevonden. Als breier heb ik er minder invloed op dan ik gewend ben en hoewel ik het een érg leuk paar sokken vind worden is dat wel een beetje een nadeel ook.

Temidden van de rommel, rommel

Knippen.

Ik wil een zomerjas maken. Daarvoor kocht ik in Parijs een stuk gabardine in een prachtig diepe paars en bij Vlisco een een stuk katoen bedrukt met een print die daar mooi bij past om te gebruiken als voering.  Het uitknippen van een patroon en daarna datzelfde patroon uit twee verschillende grote stukken stof is altijd een heel ding in mijn kamertje waar uiteindelijk alle horizontale oppervlakken in gebruik zijn en ik van alles kwijt ben. Er zijn modemakers die een heel rijtje patronen en bijbehorende stof knippen in één sessie en daarvoor bijvoorbeeld de eettafel gebruiken, of een behangtafel speciaal voor dat doel. Daarna kunnen ze weer een tijdje voort. Ik vind het wel moeilijk om ver vooruit te denken maar gezien de toestand van mijn kamer  -en de daaruit voortkomende ergernis- is dat wel iets om te overwegen.

Eendjes, katjes en een bij

De eerste echte lentedag was het vandaag. Sommige mensen hebben het dan over rokjesdag, maar ik noteer altijd de eerste dag dat Echtgenoot Yep in de volkstuin zijn shirt uit doet.  Nee, daar plaats ik geen foto van. Vandaag werkten we een groot deel van de dag in de tuin, de camera was ook mee.

De wilg bij de buren staat in bloei, je hoort het gezoem van de bijen op meters afstand. Ze vertrekken allemaal met gele klontjes stuifmeel aan de achterpoten.

Meneer en mevrouw eend zijn het zo te zien wel eens. Heerlijk. Lente!

Requiem voor een boom

De opening van het tuinseizoen.

De voorgaande jaren werd in onze tuin de lente steevast geopend door de amandelboom, die als eerste in het seizoen in bloei stond. Helaas, dit jaar niet. Het kan zijn dat het misging omdat het in 2016 vroeg in het jaar al warm was. In Februari stond de boom al volop in bloei waarna er nog een paar nachten vorst kwamen. Het kan ook wat anders zijn, ik heb geen idee. Maar vorig jaar verscheen er ná die vorstperiode nauwelijks blad aan de boom, en nu er begin maart nog geen teken van leven is moeten we concluderen dat hij dood is. Jammer, want hij leverde heerlijke amandelen en dus die feestelijke bloei. Gelukkig kun je aan veel andere dingen de lente ook zien komen; bijvoorbeeld aan de rabarber die zich boven de grond laat zien.

amandelbloesem, foto uit 2014

 

Niet om in te slapen

Pyama!

Het ging minder snel dan ik hoopte, maar nu is hij dan toch klaar: Mijn eigengemaakte, klassieke pyama. Het patroon is van Closet case. Ja, inderdaad, ik maak zo ongeveer alles wat Heather Lou bedenkt… maar ze bedenkt ook van die leuke dingen!

Ik paste het patroon een béétje aan: Ik ben niet zo groot, dus ging er wat lengte van de broekspijpen en de mouwen af. Ook paste ik een FBA toe, ook wel bekend als een volleborsten-aanpassing. Het was een leuke oefening in het maken en verwerken van piping. Paspel heet het in het Nederlands, zag ik op het blog van Inge. Het materiaal is een gewone lakenkatoen, dat werkt prima. Hoewel het wel -zie de foto’s- nogal kreukelig is. Ooit wil ik zo’n soort pyama nog eens maken van een luxer materiaal, van zijde of van  Liberty katoen.

En nu zondagochtend met de krant en een broodje in mijn pyama op de bank. Of beter nog, op het terras in de warme voorjaarszon. Ik zie het helemaal zitten.

 

Fijne kunst

Sokken!

Van K:)dootje kreeg ik ooit een streng sokkenwol van het merk Rowan Fine Art. (Ik moet daarbij altijd denken aan de Amerikaanse dame die hoorde van de plaats Fijnaart en enthousiast riep dat ze daar wel wilde wonen. Dat moest wel een prachtige plaats zijn: Fine Art!) Mijn streng wol was óók prachtig. (Véél mooier dan Fijnaart.) Erg zacht maar met een heel stevig breisel als resultaat. Ik breide er eenvoudige sokken van, om alle blauwen mooi tot hun recht te laten komen. Ondertussen is K:)dootje zelf ook aan het sokkenbreien gegaan. Zou ik haar besmet hebben?

Een weekje niks

“Wintermoeheid”

“Je hebt helemaal niets gemaakt” zei echtgenoot Yep vanmorgen. Hij bedoelde natuurlijk dat er niets op deze website is toegevoegd. Hij heeft gelijk, ik had een zeldzaam slome week. Ik werkte. En ik keek ‘s avonds hoe de politie de daders van moorden zocht en vond in Londen en in een lieflijk Engels dorpje en ook op een Caraïbisch eiland. Ik breide een pennetje, en ik sliep best veel. Weinig interessants te bloggen, dus… het wordt tijd dat het lente wordt!

Snoeien en zaaien

Nog steeds winter in de tuin.

Echtgenoot Yep heeft inmiddels alle wilgen op de tuin geknot. Het zijn er vier en dat levert een berg takken waar ik niet meer overheen kan kijken. Dat komt ook omdat een paar van de knotwilgen al jaren doorgegroeid zijn: dikke takken dus. Deze takken moeten worden gesorteerd: de dikste gaan in stukken gezaagd  een paar jaar drogen in ons houthok en dan stoken we ze thuis op. De dunnere willen we, ontdaan van zijtakjes, gebruiken in de tuin. De dunste takken gaan we verhakselen tot strooisel voor tussen de aardbeienplanten en in het kippenhok. Nog een boel te doen dus! Ondertussen plantte ik knoflook en zaaide ik drie verschillende soorten paprikazaadjes: Vers uit een ter plaatse opengesneden paprika van de groenteman, zelf gedroogde uit een weken geleden genuttigde paprika van de groenteman en een chique F1 hybride uit een zakje. Es kijken welke van de drie het leukste resultaat geeft. Ze hebben 22 graden nodig om te beginnen met kiemen, dus voorlopig staan ze binnen bij de kachel.

knopen, kralen en hangertjes

Een avondje kleien

In de lunchpauze ging ik vlug even de stad in, ik had vlieseline nodig. De knutselwinkel waar ik dat dacht te vinden had het niet, maar wel een rek vol fimoklei. Dat heeft Dochter ooit een hele winter lang in grote hoeveelheden verwerkt tot… eeehhh… Wat maakte je ook alweer, Dochter? Poppetjes, hondjes, muizen. Nu ja, ik bakte bijna elke week wel een paar dingen die ze gemaakt had. Helaas is daar niets van bewaard gebleven. Ik kreeg acuut last van sentiment en kocht een pakje blauw en een pakje wit-met-glitters. Weer terug achter mijn bureau bedacht ik dat ik er knoopjes van kon maken. Vanavond besteedde ik een uurtje aan kneden en rollen en vouwen en rollen en vouwen en snijden en prikken. En omdat ik het toch wel mooi vond worden maakte ik behalve de knoopjes ook een hanger en nog een hanger en een paar kralen. Wat een leuk speelgoed is dat. (En ik heb een beetje spijt dat ik  de klei met de glitters kocht. ik zal het nog een keer moeten doen)

Opgeruimd

Lapjes in de kast

Na het zien van de werkelijk keurig recht gestapelde lappen stof in de Vlisco winkel ging het gesprek in de auto gisteren over netjes opruimen. De stukken stof van Vlisco worden natuurlijk machinaal gevouwen, er zit aan weerszijden een label op geplakt waardoor het netjes in de plooi blijft ook. Echtgenoot Yep was ooit Sergeant Yep en hij vertelde dat de rekruten geleerd werd hun kleren zo breed als hun mes te vouwen. (Een tafelmes, niks oorlogszuchtigs hier…) Vandaag heb ik een goed deel van de dag besteed aan het opnieuw opvouwen van al mijn lapjes. Ik verdeelde ze in drie stapels: katoen, tricot en “anders” en vouwde ze allemaal precies even groot. De lapjes die kleiner dan een meter zijn vouwde ik half zo groot en de restjes overhemdkatoen gingen op rolletjes in een doosje. Misschien dat dat ooit nog eens een quilt wordt.  Nu past mijn hele collectie op anderhalve kastplank. En heb ik weer een idee wat ik de komende twaalf jaar van mijn leven zou kunnen doen. 🙂