Monthly Archives: November 2019

Een merkwaardige hoofdstad

Van Yvonnep kreeg ik een lapje. Een heel bijzonder lapje: De plattegrond van Amsterdam is er op afgedrukt.

Het is wel een erg grappige plattegrond, de straatnamen zijn (volgens yvonnep) ingetoetst door een dronken Rus. Dat zou best kunnen kloppen! Hier en daar is het volkomen onbegrijpelijk. Ik dacht eerst dat ik de stof zou gebruiken als voering voor een tasje, maar dan zie je het natuurlijk niet.

Uiteindelijk maakte ik er een tafelloper van. Dan kunnen we bij het ontbijt eens puzzelen wat Nrcinui Moo.mec zou kunnen betekenen.

Scheef

Ooit had ik een gele sjaal met zwarte vlekken, Ik was er erg dol op en droeg hem vaak maar hij belandde een keer in de kookwas en toen was het geen sjaal meer.

Toen ik deze stof van Nooteboom textiel zag moest ik aan mijn betreurde sjaal denken en ik kocht er meteen anderhalve meter van. Vijftig centimeter voor een sjaal, de rest voor een legging. Of een t-shirt. Dit soort stof, tricot, wordt rondgebreid in de fabriek, als een lange koker. Zoals sokken gebreid worden, maar dan met fijner garen en met héél veel meer steken. Dan wordt de koker aan één kant doorgesneden zodat het een lap wordt. De knipranden worden ingesmeerd met een soort lijm, zodat de zaak niet gaat rafelen. En daar gaat het vaak fout, ook bij mijn stippenstof. Want als de koker wat gedraaid zit gaat de knip niet recht door de stof maar diagonaal. De verkoper van de stof knipt lappen van de rol, haaks op deze lijn, waardoor álle kanten van zo’n lap stof scheef worden. Ik kocht dus een soort van ruit, in plaats van de gewenste rechthoek. Kledingstukken die daarvan zijn gemaakt zullen blijven trekken, of om het lijf draaien. Aan alle kanten een hoek er af knippen om het recht te maken is een optie, maar dan wordt de lap veel kleiner.

Voor het maken van een sjaaltje is dat gelukkig niet zo erg. Maar ik zou met plezier de stof als koker kopen… want afgezien van het scheve is het prima materiaal.

Een goed idee

Diana van de Mooie Moestuin postte over “suppengewürz”. Ik had het eens als een soort van bouillonpoeder gezien op een beurs, bij een stand die ook appelchips verkocht, en gedroogde kruiden en fruit van allerlei soort. Wat een goed idee, dacht ik toen. Maar wel bewerkelijk, alle kruiden en groenten drogen, fijnmalen tot poeder en daar dan een uitgebalanceerd mengsel van maken. Maar Diana maalt gewoon verse ingrediënten tot een pasta, voegt genoeg zout toe dat het geconserveerd is (14%) en stopt het in een potje. Dat is een nóg beter idee, dan kun je gaandeweg het proces proeven en er nog het een of ander aan wijzigen.

Ik had worteltjes, selderij, peterselie, kervel, sjalotten en venkelblad. En een paar teentjes zwarte knoflook en de geraspte schil van een citroen. Ik draaide het tot pasta en het smaakte fris en kruidig. Daarna mengde ik het zout erdoor en verpakte de zaak. Bij de eerstvolgende gelegenheid als ik bij het koken normaliter een bouillonblokje gepakt zou hebben ga ik een lepeltje suppengewürz toevoegen. Weer iets dat zelf gemaakt kan worden.

De verstelmand

We proberen minder afval te produceren. Eigenlijk vind ik dat dingen die stuk zijn niet weggegooid maar gerepareerd moeten worden, als dat kan. Maar oef, wat is dat een vervelende klus…

Neem bijvoorbeeld dit overhemd. Nog voor het een jaar oud was viel het mooie glansgaren waarmee ik alle sierstiksels maakte uit elkaar. Waarom gebeurt zoiets? Geen idee… maar het overhemd is verder nog best in orde, alle naden die de constructie vormen zijn met ander garen gemaakt. Ik zou dus alle stiksels stukjes siergaren er uit moeten peuteren en het opnieuw doorstikken met het duurzame garen. Dat peuteren is een heel werk, want het oude garen is bijna helemaal vergaan, het moet steekje voor steekje verwijderd worden.

En van deze sportbroek gaat de zoom en het elastiek in de taille los. Ook dat moet los getornd en opnieuw genaaid. Maar dat lostornen is een rotklus, vooral omdat er door het elastiek is gestikt. Iets nieuws maken is een stuk glamoureuzer! ik zou best graag het overhemd én de sportbroek weg gooien, en overigens ook het hemdje met de losse schouderband en de wielrenbroek met de uitgescheurde naad.

Okee… uitgemopperd. *haalt diep adem en pakt het tornmesje*