Naar de Gebroken dijk

Na een lange rust gingen we weer eens wandelen.

Naar de Oosterschelde en weer terug.

Het was er een glorieuze dag voor! De akkers zijn nog kaal, maar de meidoorn bloeit.

Het bleek wel een paar kilometer meer dan we gedacht hadden…

 

Nieuwe schoenen

Er zijn mensen die ook hun eigen schoenen maken.

Respect! Ik denk niet dat dat ooit op mijn agenda zal verschijnen.

Risotto al funghi

In het begin van Maart gingen we met F. en W. naar een concert van het Rotterdams Philharmonisch. Meestal, als we met zijn tweetjes gaan, nuttigen we een broodje in de auto onderweg erheen. Maar deze keer vertrokken we halverwege de middag en aten een concertmenu in Brasserie de Doelen. W. en ik kozen voor de vegetarische optie: Risotto met paddenstoelen, groene asperges en een gepocheerd ei.

Dat was zó lekker dat ik het gisteravond zo goed als ik kon heb nagekookt. Dat is best goed gelukt! Wat een feestmaal.

Een handvol porcini weken in een kom heet water. Driekwart liter water koken en een paddenstoelenbouillonblokje er in oplossen, het weekvocht van de porcini er aan toevoegen. Twee sjalotjes fijn snipperen en fruiten in twee eetlepels olijfolie in een pan met dikke bodem. Als de stukjes doorzichtig worden 200 gram risottorijst erbij doen en roeren tot de korrels doorzichtig zijn en net niet gaan “springen”. Dan afblussen met een scheut droge witte wijn en als die is opgenomen scheut voor scheut de bouillon toevoegen, elke keer blijven roeren tot de bouillon is opgenomen. Na een minuut of 20 proeven of de rijstkorrels een prettige beet hebben. Ondertussen 200 gram dunne groene asperges 4 minuten roerbakken in een klein beetje olijfolie en warm houden, daarna 100 gram oesterzwam in reepjes roerbakken en de laatste minuut de geweekte porcini erbij. Ook dit warm houden. Dan een klontje boter smelten in de koekenpan en 150 gram beukenzwammen op hoog vuur bakken. Als de rijst klaar is twee eieren pocheren en ondertussen de oesterzwam/porcinimix en een paar stevige draaien aan de pepermolen door de rijst roeren. Op de borden eerst de risotto, daar asperges, beukenzwammen -met de boter- en ei artistiek op draperen en nog wat geraspte Parmezaanse kaas er over strooien.

De Beterhand

Alle zes collega’s die woensdag 15 maart samen aan een tafeltje zaten bij een na-het-werk borrel werden ziek. Ik ook. Hoesten, koorts, overal pijn, malaise. Gisteren – elf dagen later-  durfde ik weer naar de tuin, gelukkig was Echtgenoot Yep niet getroffen en had hij wel aardig wat getuinierd.

Ik rolde enigzins uitgeput van mijn fiets en ging op de grond zitten om tweehonderd erwtjes te zaaien. Daarna worstelde ik langdurig met een vogelnet dat over het erwtenklimrek moest worden bevestigd. Alle beesten die op onze tuin wonen houden van erwtjes, dus als we er zelf ook wat van willen eten moeten we dat net ophangen. Dat was in het geheel niet makkelijk, dus toen het eenmaal op zijn plaats zat vond ik het weer genoeg en ging naar huis. Het was bijzonder ergerlijk dat zo’n simpel klusje zo vermoeiend was, maar het was heerlijk buiten.

Blije sok

Pairfect volgens Arne en Carlos

Regia brengt een serie sokkenwol op de markt die op een heel speciale manier zelfstrepend is. Er zijn verschillende kleurstellingen, ik kocht een bol naar ontwerp van de vrolijke vrienden Arne en Carlos.  Het idee is dat je een sok begint te breien op de plaats waar de gele draad ophoudt. Dan brei je de boord tot de kleur wisselt -naar rood in mijn geval-, dan volgt het beengedeelte tot het rood weer verschijnt. Daarna de hiel, weer een stukje rood en dan de voet tot de sok groot genoeg is. Vervolgens wikkel je de bol af tot er weer een gele draad tevoorschijn komt en herhaal je het hele kunstje, waardoor je uiteindelijk twee precies identieke sokken hebt. Ik breide voor dit exemplaar eerst mijn “gewone” Hollandse Hiel: hielflap, kleine hiel en spie. Maar daarvoor bleek het blauwe garen op hielhoogte nét te kort. Ik haalde het weer uit en  maakte er een “short row heel” van, de eerste in mijn hele brei-carriere. Echt waar! Ik weet nog niet wat ik van deze hielconstructie vind, het is een beetje puntig. Maar spiegelbeeldig is hij in ieder geval wél, en dat is fijn. Voor deze sokken zelfs fijner dan anders. (Ik werd ooit uitgemaakt voor “queen of symmetry” en dat was niet helemaal onterecht.)
Het systeem moet natuurlijk werken voor alle schoenmaten, gevolg is dat het “been” langer is dan ik het voor mijzelf meestal maak. En ik zou een wat groter stuk blauw in de teen leuk hebben gevonden. Als breier heb ik er minder invloed op dan ik gewend ben en hoewel ik het een érg leuk paar sokken vind worden is dat wel een beetje een nadeel ook.

Temidden van de rommel, rommel

Knippen.

Ik wil een zomerjas maken. Daarvoor kocht ik in Parijs een stuk gabardine in een prachtig diepe paars en bij Vlisco een een stuk katoen bedrukt met een print die daar mooi bij past om te gebruiken als voering.  Het uitknippen van een patroon en daarna datzelfde patroon uit twee verschillende grote stukken stof is altijd een heel ding in mijn kamertje waar uiteindelijk alle horizontale oppervlakken in gebruik zijn en ik van alles kwijt ben. Er zijn modemakers die een heel rijtje patronen en bijbehorende stof knippen in één sessie en daarvoor bijvoorbeeld de eettafel gebruiken, of een behangtafel speciaal voor dat doel. Daarna kunnen ze weer een tijdje voort. Ik vind het wel moeilijk om ver vooruit te denken maar gezien de toestand van mijn kamer  -en de daaruit voortkomende ergernis- is dat wel iets om te overwegen.

Eendjes, katjes en een bij

De eerste echte lentedag was het vandaag. Sommige mensen hebben het dan over rokjesdag, maar ik noteer altijd de eerste dag dat Echtgenoot Yep in de volkstuin zijn shirt uit doet.  Nee, daar plaats ik geen foto van. Vandaag werkten we een groot deel van de dag in de tuin, de camera was ook mee.

De wilg bij de buren staat in bloei, je hoort het gezoem van de bijen op meters afstand. Ze vertrekken allemaal met gele klontjes stuifmeel aan de achterpoten.

Meneer en mevrouw eend zijn het zo te zien wel eens. Heerlijk. Lente!

Requiem voor een boom

De opening van het tuinseizoen.

De voorgaande jaren werd in onze tuin de lente steevast geopend door de amandelboom, die als eerste in het seizoen in bloei stond. Helaas, dit jaar niet. Het kan zijn dat het misging omdat het in 2016 vroeg in het jaar al warm was. In Februari stond de boom al volop in bloei waarna er nog een paar nachten vorst kwamen. Het kan ook wat anders zijn, ik heb geen idee. Maar vorig jaar verscheen er ná die vorstperiode nauwelijks blad aan de boom, en nu er begin maart nog geen teken van leven is moeten we concluderen dat hij dood is. Jammer, want hij leverde heerlijke amandelen en dus die feestelijke bloei. Gelukkig kun je aan veel andere dingen de lente ook zien komen; bijvoorbeeld aan de rabarber die zich boven de grond laat zien.

amandelbloesem, foto uit 2014

 

Niet om in te slapen

Pyama!

Het ging minder snel dan ik hoopte, maar nu is hij dan toch klaar: Mijn eigengemaakte, klassieke pyama. Het patroon is van Closet case. Ja, inderdaad, ik maak zo ongeveer alles wat Heather Lou bedenkt… maar ze bedenkt ook van die leuke dingen!

Ik paste het patroon een béétje aan: Ik ben niet zo groot, dus ging er wat lengte van de broekspijpen en de mouwen af. Ook paste ik een FBA toe, ook wel bekend als een volleborsten-aanpassing. Het was een leuke oefening in het maken en verwerken van piping. Paspel heet het in het Nederlands, zag ik op het blog van Inge. Het materiaal is een gewone lakenkatoen, dat werkt prima. Hoewel het wel -zie de foto’s- nogal kreukelig is. Ooit wil ik zo’n soort pyama nog eens maken van een luxer materiaal, van zijde of van  Liberty katoen.

En nu zondagochtend met de krant en een broodje in mijn pyama op de bank. Of beter nog, op het terras in de warme voorjaarszon. Ik zie het helemaal zitten.

 

Fijne kunst

Sokken!

Van K:)dootje kreeg ik ooit een streng sokkenwol van het merk Rowan Fine Art. (Ik moet daarbij altijd denken aan de Amerikaanse dame die hoorde van de plaats Fijnaart en enthousiast riep dat ze daar wel wilde wonen. Dat moest wel een prachtige plaats zijn: Fine Art!) Mijn streng wol was óók prachtig. (Véél mooier dan Fijnaart.) Erg zacht maar met een heel stevig breisel als resultaat. Ik breide er eenvoudige sokken van, om alle blauwen mooi tot hun recht te laten komen. Ondertussen is K:)dootje zelf ook aan het sokkenbreien gegaan. Zou ik haar besmet hebben?