Category Archives: Vandaag

Ondertussen, op de tuin

Mensen denken vaak dat in de winter niets te doen is op een volkstuin. Dat is natuurlijk niet waar… maar ik zelf probeer dat ook wel eens een maandje te denken. Je wordt voor je afwezigheid ‘s winters in ieder geval niet gestraft met hoogwoekerend onkruid. Maar wel met steeds meer achterstallige klussen, de kas moet schoongemaakt (er zit nog steeds witkalk op, om te zorgen dat de zomerzon de zaak niet te heet maakt binnen) en er ligt een stapel takken om klein te knippen en zagen. Echtgenoot Yep heeft zich namelijk wél ingespannen, hij heeft een heleboel mest gehaald en een hoek ontgonnen waar we nog niet eerder aan toe waren gekomen.

Op deze foto links voor. Er stond, in een kleine omheining van kippengaas (vermoedelijke met de bedoeling van een compostbak?) een braam, een kamperfoelie, een grote hoeveelheid riet en een jonge kastanjeboom die daar volgens ons min of meer per ongeluk beland is. We vinden ook regelmatig eiken in alle stadia van net ontkiemde eikel tot al een metertje boom. Grappig, want er is geen eik in de buurt, die worden waarschijnlijk door vogels aangedragen. Maar de kastanje was al een fors exemplaar.

Rechtsboven zie je de onderkant van de stam met wortels. Er lagen ondergronds ook heel wat bakstenen en zwerfkeien en een plaat asbest. Die laatste is volgens de officiële regels met vergunning afgevoerd. Daarna heeft Yep de kamperfoelie vantussen het gaas gepeuterd en herplant en de braam verwijderd. Geen kinderachtige klus!

De venkelplanten van vorig jaar lopen nu al uit. Ik twijfel of ze moeten blijven staan, of ze vernieuwd moeten worden of dat ik ze verplant naar een plaats waar ze me minder in de weg staan.

En we hebben het gaas te vroeg van het koolveld gehaald, de boerenkool is helemaal opgegeten. Enkele tuinen verder naar het midden van het complex staan tientallen bloemkolen waar geen hapje uit is, dus ik dacht dat het wel mee zou vallen. Niet dus. Omdat we helemaal aan de rand van het complex tuinieren zijn we, zo blijkt, vaker dan de collega-tuinders de sjaak. Maar goed, we krijgen er ook weer wat voor terug. Maar dat verdient een post van zichzelf.

Ko Haan

Ko Hen barstte in de vroege ochtend uit in enthousiast gekraai. En ze hij is inmiddels de baas van het hele spul in de kippenren. Hij heeft nog geen grote staart, en ook nog niet zo’n decoratieve toef op de rug, dus hoopten we dat het tóch een-wat groot en bazig uitgevallen- kip was. Helaas… kraaien is niet gewenst in onze stadstuin, dus moeten we afscheid van hem nemen.

Ik dacht nog een foto te maken, in het kader van “dan hebben we tenminste de foto nog” maar hij had me door en stond niet stil.

Behalve als er wat te snaaien was.

Scheef

Ooit had ik een gele sjaal met zwarte vlekken, Ik was er erg dol op en droeg hem vaak maar hij belandde een keer in de kookwas en toen was het geen sjaal meer.

Toen ik deze stof van Nooteboom textiel zag moest ik aan mijn betreurde sjaal denken en ik kocht er meteen anderhalve meter van. Vijftig centimeter voor een sjaal, de rest voor een legging. Of een t-shirt. Dit soort stof, tricot, wordt rondgebreid in de fabriek, als een lange koker. Zoals sokken gebreid worden, maar dan met fijner garen en met héél veel meer steken. Dan wordt de koker aan één kant doorgesneden zodat het een lap wordt. De knipranden worden ingesmeerd met een soort lijm, zodat de zaak niet gaat rafelen. En daar gaat het vaak fout, ook bij mijn stippenstof. Want als de koker wat gedraaid zit gaat de knip niet recht door de stof maar diagonaal. De verkoper van de stof knipt lappen van de rol, haaks op deze lijn, waardoor álle kanten van zo’n lap stof scheef worden. Ik kocht dus een soort van ruit, in plaats van de gewenste rechthoek. Kledingstukken die daarvan zijn gemaakt zullen blijven trekken, of om het lijf draaien. Aan alle kanten een hoek er af knippen om het recht te maken is een optie, maar dan wordt de lap veel kleiner.

Voor het maken van een sjaaltje is dat gelukkig niet zo erg. Maar ik zou met plezier de stof als koker kopen… want afgezien van het scheve is het prima materiaal.

Een goed idee

Diana van de Mooie Moestuin postte over “suppengewürz”. Ik had het eens als een soort van bouillonpoeder gezien op een beurs, bij een stand die ook appelchips verkocht, en gedroogde kruiden en fruit van allerlei soort. Wat een goed idee, dacht ik toen. Maar wel bewerkelijk, alle kruiden en groenten drogen, fijnmalen tot poeder en daar dan een uitgebalanceerd mengsel van maken. Maar Diana maalt gewoon verse ingrediënten tot een pasta, voegt genoeg zout toe dat het geconserveerd is (14%) en stopt het in een potje. Dat is een nóg beter idee, dan kun je gaandeweg het proces proeven en er nog het een of ander aan wijzigen.

Ik had worteltjes, selderij, peterselie, kervel, sjalotten en venkelblad. En een paar teentjes zwarte knoflook en de geraspte schil van een citroen. Ik draaide het tot pasta en het smaakte fris en kruidig. Daarna mengde ik het zout erdoor en verpakte de zaak. Bij de eerstvolgende gelegenheid als ik bij het koken normaliter een bouillonblokje gepakt zou hebben ga ik een lepeltje suppengewürz toevoegen. Weer iets dat zelf gemaakt kan worden.

De butler en de kamermeid

Gisteravond ging ik naar de film, weer eens. We zagen Downton Abbey. De film speelt in de jaren ’20, enige tijd na het einde van de gelijknamige serie. Ik heb de serie nooit gezien maar dat was geen belemmering om erg van de film te genieten. Hooguit waren er wat véél personages met een verhaallijn.

Het valt me wel op dat in dat soort films (ook bijvoorbeeld in Gosford Park, the remains of the day, Upstairs, downstairs en een heleboel Agatha Christie verfilmingen) het huishoudelijk personeel een enorme eer in het werk schept. Terwijl dat werk in de meeste gevallen niet erg glamoureus is en er weinig erkenning voor lijkt te zijn. Vooral de butlers zijn zonder uitzondering arbeidskrachten waar een hedendaagse werkgever van droomt, qua arbeidsethos. Zou dat op realiteit gebaseerd zijn? Er waren natuurlijk enorme verschillen tussen de klassen, maar men woonde wel allemaal samen in zo’n enorm huis. Ik vind het eerlijk gezegd wel aansprekend. Er is niets mis met beroepstrots.

Appelsap

De appeloogst was niet zo enorm als vorig jaar. Dat is niet omdat onze nachtelijke bezoeker appels eet, die lijkt hij niet te lusten. Een paar bomen zijn vorig jaar iets te rigoureus gesnoeid, een paar andere hebben een zogenaamd beurtjaar. Maar de ene Elstar en de James Grieve leverden toch nog een prettige hoeveelheid. Ze zijn deels in de appelmoes en appeltaart gegaan, de mooie exemplaren “zo” gegeten.

De misvormde, aangetaste en te kleine exemplaren verdwijnen in de sappers.

Een herfstgenoegen, bij het ontbijt een vergeperst appelsapje. Dat in enkele minuten van bleekgroen naar bruin verkleurt, maar niet minder smaakt.

Londen

Omdat we het werk van Olafur Eliasson erg bewonderen gingen we naar Londen om de tentoonstelling in Tate Modern te zien. De Eurostar tunneltrein maakt het prettig bereikbaar.

En tja, als je dan toch in Londen bent… We wandelden over de Tower Bridge, we gingen naar V&A waar ik geweldige Mary Quant oorbellen kocht. We lunchten bij Ottolenghi en keken rond op de Affordable Art Fair.

Maar de tentoonstelling was het hoogtepunt. Deze foto maakte Yep ongeveer halverwege een tunnel van een kleine 40 meter, waarin dichte, ietwat zoet smakende mist was gemaakt. Je kon maar heel weinig zien, maar de mist had elke paar stappen een andere, intense kleur. Het was prachtig. Ook was de kantine van Studio Olafur Eliasson in het museum gezet. De kok, het menu, de meubelen en het servies, je kon lunchen zoals de (100!) medewerkers dat ook doen. Dat was ook al erg leuk, en leerzaam. Het werk van Olafur Eliasson heeft vaak betrekking op zorgen over het klimaat, dus de lunch was zo duurzaam mogelijk. We kregen de menukaart mee, ik ga beslist proberen de worteldip na te maken. Erg inspirerend!

Het Houthok deel 1

Helemaal achter in onze achtertuin staat het Houthok. Eigenlijk een afdak met dakpannen er op, waaronder keurig gestapeld het kachelhout droog ligt, netjes allemaal op lengte gezaagd. Dat is tenminste de bedoeling.

De praktijk is helaas minder prettig. In de loop van de afgelopen 12 jaar is alles er onder geschoven wat ooit nog opgestookt kan worden, en ook best wel dingen die gewoon even uit beeld moesten. En toen… stortte het dak deels in.

Vandaag stutte ik het wankele dak en haalde het grootste deel van het hout er uit. Dat werd gesorteerd elders in de tuin opgestapeld. Toen begon het te regenen en bracht ik een auto vol onbruikbaars naar de stort. Dat ruimt lekker op!

Geen rozen in 2019

In het “nieuwe” gedeelte van onze tuin staat een wilde roos.

Prachtig als hij bloeit…

In de late herfst en in de winter hangt hij vol met rozebottels. Die kennelijk door allerlei bewoners van onze tuin erg lekker worden gevonden, we vinden overal stukjes rozebottel terug. Soms zelfs een heleboel. Maar de struik is wél groot, inmiddels wel een meter of vier doorsnee. De rozen bloeien op takken die twee jaar oud zijn. Dus als je de struik snoeit moeten de oudere takken er uit. Maar…. de nieuwe takken, die we behouden willen omdat ze volgende zomer de bloemen gaan dragen, zitten allemaal aan zo’n veel te lange oudere tak vast.

We besloten -een beetje spijtig- een jaar geen rozen te hebben, de struik rigoreus te snoeien tot de kale stammetjes. Vanaf volgend jaar zullen we de nieuwe takken korter houden.

De Oogst

Als je voor een lichtfestival naar een stad gaat moet je ook iets bedenken om te doen als het niet donker is. In Amsterdam is dat geen enkel probleem… we gingen onder andere naar het Van Gogh museum. Waar ik me vergaapte aan prachtige schilderijen. Het is vreemd, ik ken natuurlijk veel van Van Goghs werken. In tegenstelling tot reproducties is “in het echt” mooier.

In de museumwinkel kochten we een 1000-stukjes puzzel met zijn schilderij “de oogst”

Zo’n puzzel in halfvoltooide staat op de eettafel doet iets raars met me. En met Echtgenoot Yep trouwens ook. In het langslopen zie je een stukje liggen dat beslist dáár moet passen, gisteravond zocht je nog tot twaalf uur naar precies dat gele veegje met een groen hoekje. En jahoor! Het past. Misschien zie je er nóg eentje liggen? eens even kijken…. En voor je het weet is het twee uur later. Ik heb nog nooit zoveel koude koffie gedronken als in de week tussen het leegschudden van de verpakking en het maken van bovenstaande foto. Puzzelen schijnt nieuwe verbindingen in je brein te stimuleren, die je daarna ook in het dagelijkse leven van nut zijn. Er is kennelijk tijdens dat proces weinig ruimte voor iets anders beschikbaar. Maar goed. We kunnen nu weer verder met ons leven.