Category Archives: kleren

Een nieuwe jurk en een selfie

Er zijn naaibloggers die zichzelf met elke creatie prachtig op de foto zetten. Carolyn bijvoorbeeld. Zelfs zonder haar schattige collie naast zich of de skyline van Perth als achtergrond ziet ze er op haar foto’s altijd buitengewoon verantwoord uit. En Fiona fotografeert zichzelf altijd in dezelfde hoek van hetzelfde balkon, maar ook dat zijn echt goede foto’s.

Dat is geen talent van mij. Ik maakte een nieuwe jurk en worstelde een kwartiertje met mijn telefoon om er een leuke foto voor het blog van te maken, maar ik heb daar niet genoeg geduld (of vaardigheden) voor. Ik heb een rare scheve mond, de foto is gewoon niet scherp, ik sta er maar voor driekwart op… dus moet een gewone selfie maar even een indruk geven.

Het is een Appleton wikkeljurk, zoals ik er al een stuk of vier maakte, alleen liet ik hier de mouwen af. De stof is een halfsynthetische tricot, voor een paar euro van de markt. Ik viel voor de leuke kleurtjes, maar het is verschrikkelijk lastig materiaal. Na het wassen was het op de plaats waar de knijper had gezeten reddeloos ontwricht, dat bedoel ik met lastig materiaal. Het is de zoveelste keer dat ik daarin trap… Ik denk dan, verblind door de mooie kleurtjes dat het niet zoveel uitmaakt, want het kost zowat niets. Stom natuurlijk… De stof is goedkoop, maar er zit toch gauw een uur of vijf werk in, waarvan minstens vier en een half ergernis, wat een heel ander soort van kostenbalans is. Nu ja, nu het klaar is vind ik het toch wel weer een erg leuke jurk geworden. Een echte zomerjurk. Dat komt goed uit: veel zomerser wordt het niet.

Outdoor

Het wordt waarschijnlijk saai voor de lezer… ik maakte een overhemd voor Echtgenoot Yep. Een beetje meer sportief, een “outdoormodel”.

Het staat hem geweldig. En ik heb er weer fijn aan zitten knutselen. Ik maakte borstzakjes met een stolpplooi en een knoopsluiting, ik heb zelfs even epauletten overwogen. Maar ik weet eigenlijk niet waar die goed voor zijn, behalve dan bij militairen en padvinders. Echtgenoot Yep is geen van beide.

Eén ding is niet helemaal doordacht… ik zette knoopjes op de mouw, met een bandje-met-knoopsgat binnenin, om de mouw vast te zetten als hij opgerold wordt gedragen. Het is een oud grapje dat in Rotterdam de overhemden met opgerolde mouwen in de winkels hangen (om de werklust van de Rotterdammers te illustreren) en Rotterdam heeft een warm plekje in des Echtgenoots hart. Dus ik dacht dat zo’n knoop-met-bandje wel leuk was. Maar waar ik geen rekening mee hield is dat een mouw, teneinde hem comfortabel opgerold te dragen, wel wat wijder moet zijn dan een standaard overhemdmouw. Tja. Ik ga er nog maar eentje maken denk ik.

Bijtjes

Van Echtgenoot Yep kreeg ik een jaarabonnement op het tijdschrift Ottobre. Ik dacht een tijdlang dat het een Italiaans tijdschrift was voor echte fashionista’s. Dat is het niet, het is een Fins tijdschrift dat vertaald wordt in Engels, Duits en Nederlands (en misschien in nog wel meer talen) en het bevat redelijk eenvoudige naaipatronen. Ik denk aan één jaargang wel voor een hele tijd genoeg te hebben.

Uit de editie met kinderkleding koos ik dit shirtje om te maken voor Kleindochter K. Ik moest het patroon overnemen van het raderblad. Dat was sentiment! Toen ik als tienjarig Lieseke begon met naaien kwam álles van een raderblad. We legden een plaat zachtboard op de eettafel en daarop het raderblad zodat de tandjes van het raderwieltje de tafel niet zouden beschadigen en dan zaten mijn moeder en ik uren te zoeken in de wirwar van lijntjes naar het  juiste patroondeel. Ah, dat was zó gezellig! Maar goed. Toen ik dit patroon eenmaal had leek het me zo raar smal. Het duurde eventjes voor ik bedacht dat dit zónder naadtoeslag was, die moet je er zelf nog bij knippen. De patronen die ik tegenwoordig download en uit laat printen zijn allemaal inclusief naadtoeslag. Ik zag het gelukkig op tijd, het was anders zéker te klein geworden

Verder is het een eenvoudig shirtje, ik liet de zak en de gekleurde baan er af, maar maakte een schoudersluiting (op deze foto zitten er nog geen drukkertjes in) omdat Kleindochter K. er niet zo van houdt als haar hoofd door een kledingstuk moet worden gewurmd. Morgen gaat het op de post, ik hoop dat het past!

Roze

Roze is niet mijn kleur. Ik heb geen roze kledingstukken. In 1985 kocht ik, waarschijnlijk verblind door de hormonen van nieuw moederschap van een dochter een stuk roze jeans, het ligt nu nog stééds in de kast. Toen Kleindochter K. onderweg was overviel me een soortgelijk sentiment, ik kocht een lap roze tricot. Om een pyamaatje van de maken, dacht ik toen nog. Ik maakte inderdaad een pyamaatje, maar met blauwe en groene en gele ananassen. Dat was een juiste keuze, ik geloof dat Kleindochter K. -of meer precies: haar ouders- ook geen type voor roze is.

Een paar weken terug besloot ik (geheel volgens jaarlijkse traditie) dat ik nu toch eindelijk eens al die lappen in de kast ga verwerken. Ik begon maar meteen met het roze, ik maakte er ondergoed voor mijzelf van, want dat ziet bijna niemand*. Het is echt een keurig gemaakt onderbroekje en een heel decente body. Misschien ga ik het zelfs dragen. Ik heb mijn persoonlijke roze-quotum voor járen gehaald hiermee! Okee. Nu die jeans nog. Ik kán het natuurlijk verven.

*Ha, en vervolgens zet ik het op Internet. 

Sneller is niet beter

…Tenminste, niet altijd. Ik maakte een overhemd voor Echtgenoot Yep waarbij ik de tussenvoering in kraag en manchetten “plakte” met een spray. De theorie is mooi: Je spuit de te behandelen delen tussenvoering in met de spray, legt ze op de bijbehorende stofdelen en strijkt de boel. Dan zit het muurvast op elkaar. Dat is behoorlijk wat tijdwinst vergeleken met de normale gang van zaken die erop neerkomt dat ik het vast rijg. De rijgdraden moeten dan, als het overhemd klaar is, ook weer verwijderd worden, een heel gepeuter. Echtgenoot Yep droeg dit shirt een paar keer. Toen ik het voor de vierde keer gewassen had en stond te strijken ontdekte ik rare bobbels in de kraag en de manchetten. De spraylijm was los gegaan van de stof en samengeklonterd. Wat een domper.

Ik probeerde het te redden door de naad los te maken en de lijm eruit te schudden, maar dat lukte niet… de klontjes zaten overal en een deel ervan plakte nog wél. Ik gooide de spray weg en stopte het shirt in de kast op de stapel “nog eens een keertje naar kijken ooit, misschien”. Dit vond plaats in februari 2017.

Pas gisteren maakte ik een nieuwe kraag en manchetten zónder lijm voor dit -overigens prima- overhemd. Gelukkig had ik een rest van de stof die daar groot genoeg voor was. Het heeft een jaar in de kast gelegen. Hoezo tijdwinst…

Spijkerbroek twee punt nul

Ik maakte een spijkerbroek. Mijn eerste (nu ja, de eerste die redelijk lukte) heb ik nu een half jaar naar volle tevredenheid in gebruik, dus ik gebruikte het patroon daarvan. Hoewel ik het spijkerbroekenmaken zelf nu aardig onder de knie heb werkte mijn naaimachine niet mee. Hij weigerde met het dikke oranje garen door meer dan drie lagen stof te naaien, dan brak onherroepelijk de bovendraad. Nu gebruikte ik een jeansnaald daarvoor. Drie lagen jeans en in veel gevallen ook nog een laag of twee Vlisco katoen (daarvan maakte ik de binnenkant van de zakken) maakte dat de draad direct naast het naaldoog teveel te verduren kreeg en na een steek of vijf brak. Er blijken dus speciale naalden daarvoor te zijn: Cordonnetnaalden. Deze hebben een groot naaldoog met aan weerszijden een gleufje waar de draad comfortabel in ligt en zonder stress meegenomen wordt naar de volgende steek. Dat werkte prachtig, het enige nadeel is dat elke keer als ik het dikke garen op de machine zet de naald ook moet worden gewisseld… maar dat heb ik er wel voor over. Ik leer bij elk project weer wat bij! Ook het bijzonder handige kleurensysteem van deze fabrikant vind ik erg praktisch, zelfs met mijn nieuwe varifocaaltje kan ik écht de minuscule lettertjes die in een naald gestanst zijn niet lezen.  Ik heb geen foto’s gemaakt van mijn geworstel met de stiksels en ook niet van de spijkerbroek in gebruik. Dat komt misschien nog wel eens, deze broek lijkt minder goed te passen dan de eerste maar ik herinner me dat ik die aanvankelijk ook wat strak vond. Misschien moet ik hem eerst een dagje dragen en dan oordelen.

 

Overhemd

Overhemd nummer zeven (of is het de achtste?) voor Echtgenoot Yep.

Ik vreesde dat het wat showbizz-achtig zou worden, de kobaltblauwe accenten met diepzwart als achtergrond. Dat viel gelukkig erg mee.

Ik gebruikte hetzelfde patroon als altijd, zelfgemaakt aan de hand van een goed passend oud shirt. De zwarte poplin komt van de Stoffenmarkt in Utrecht.

 

 

De duivel zit in de details

Toen Kleindochter K. er nog niet was maakte ik voor haar een rompertje. En omdat ik toch bezig was en er wel vaker baby’s arriveren in de kennissenkring maakte ik er nog drie. Leuk als cadeautje voor aanstaande moeders. Het maken ervan ging zo snel dat ik overwoog een paar avonden te investeren in het naaien van een stuk of dertig van die pakjes in verschillende kleurtjes en maten. Dan zou ik een tafel huren bij Mijntafel en ze verkopen. Op die manier zou ik al mijn restjes tricot op een prettige manier kwijt zijn, misschien zelfs nog een paar tientjes er aan overhouden… Leuk idee*, maar eerst eens zien hoe het kledingstuk het in de praktijk doet. Nu Kleindochter K. twee maanden is krijgt ze het pakje regelmatig, aan, hoewel het nog een béétje ruim zit.

Ze kan nog niet zitten, maar ze doet overtuigend alsof ze dat wél kan.

Ik zie haar niet heel vaak, wegens al die onhandig geplaatste kilometers ertussen. Maar ik krijg gelukkig vaak fotootjes per Whatsapp en het is leuk te zien dat de door mij gemaakte kleertjes behoorlijk “in rotatie” zijn.  Schoondochter J. zei dat ze dit pakje erg prettig in gebruik vond, Joepie! dus toen collega M. aankondigde dat ze in december moeder wordt pakte ik één van drie de reserve-rompertjes voor haar uit de kast. Die waren weliswaar klaar, maar er zaten nog geen drukkertjes op. Ik installeerde me buiten bij de tuintafel met hamer, centimeter en de doos met drukkers en mepte ze op hun plaats.

Ik was er wel drie kwartier zoet mee. Natuurlijk ging er één drukkertje helemaal scheef en moest ik dat met veel gepeuter weer uit de stof verwijderen zonder een gaatje te maken. Ondertussen heb ik mijn plan om een heleboel rompertjes te maken wel herzien. Het naaien kost me inderdaad niet veel tijd maar het bevestigen van honderden van die drukkertjes wél.

*Ik heb wel vaker van die woeste ideeën, meestal brengt de realiteit of anders Echtgenoot Yep me wel weer tot rede

Over grote onderbroeken

Als het behoorlijk warm is en ik een jurk draag heb ik last van “thigh shafing” oftewel het effect van ietwat bezwete, tegen elkaar schurende bovenbenen bij het lopen. Geen pretje! Ik ben de enige niet, kennelijk. Er wordt met een spray geadverteerd die het probleem moet oplossen, er bestaan Bandelettes, een soort van kousenbanden speciaal voor dit doel. Ik bedacht dat ik een onderbroek met pijpjes misschien makkelijker vind dan zulke bandelettes. Ik vond medestanders op Internet, Lana schreef een ode aan de grote onderbroek (hoewel “groot” bij haar een tailleslip is, niet een met pijpjes) en Inge maakte er zelf een paar. Ik deed erg mijn best om ze te kopen en ontdekte dat Sloggi iets dergelijks heeft. Daarvan schafte ik er eentje aan en inderdaad, dat bevalt prima. Maar natuurlijk wilde ik liever zelf gemaakte, dus kocht ik het enige patroon hiervoor dat ik vinden kon en maakte het volgens voorschrift.

Het ziet er best leuk uit maar ik vind het niet zo prettig zitten, dus ga ik mijn sloggi uit elkaar halen en dat gebruiken als voorbeeld. Waarom, wáárom zijn een beetje leuke grote onderbroeken -of een patroon ervan- zo moeilijk te vinden? Bij de aankoop van een beha in een goede lingeriewinkel kun je een bijpassend slipje kiezen: een string of een hipster. Tailleslips zijn er wel maar meestal alleen directoire-stijl in saaie kleuren verkrijgbaar, en een onderbroek met pijpjes is een rariteit. Een google zoektocht toont thermo- zwangerschaps- en periodeslips in wit en zwart en prothese-beige. Bah.  Het is vast een niche markt, maar er zullen beslist meer mensen blij worden van een beetje vrolijk gekleurde, frivole, lange onderbroeken met een kantje. En dat geldt trouwens óók voor thermo- zwangerschaps- periode- en incontinentie slips.

Elk voordeel heeft z’n nadeel…

… Om de grote filosoof nog maar eens te citeren.

Het is (bijna) elke dag tuinieren. Afgezien van het werk aan het “nieuwe” gedeelte is er een heleboel te doen: Rijpe kersen en aalbessen te plukken, tuinbonen en erwtjes te doppen en in te vriezen, bergen onkruid te wieden. Bijvangst van al deze genoegens: “tuinhanden”. Die worden natuurlijk uitgebreid gewassen en verzorgd, ze zien er over het algemeen heel netjes uit . Maar ze zijn wel ruw en “hakerig”.

Ik voltooide dit shirtje-met-gedrapeerde-hals daarom met de grootste tegenzin.

Het materiaal is een mooie dunne gebreide viscose met een prettig paisley motief. Maar het zat doorlopend aan mijn handen geplakt, of ik ze die nu scrubde of insmeerde of allebei. Ik heb het shirtje nog niet gedragen, ik heb even hélemaal genoeg van hoe het aanvoelt.