Tijdmachine

Onze tuin bestaat voor ongeveer een derde deel uit veldjes waarop groenten geteeld worden en verder gras en fruitbomen. (En natuurlijk een huisje en een schuurtje en een kas, en een aardbeienbed)

Al dat gras kort houden was een behoorlijke klus elke twee weken. Met een lawaaiige motormaaier. Dus de boodschap dat alleen maar gras eigenlijk helemaal niet zo goed is kwam wel aan. “Groen asfalt” wordt het ook wel genoemd. Het blijkt dat als je maar enkele keren per jaar maait er allerlei andere plantjes gaan groeien en bloeien, tot vreugde van bijen en hommels en andere beestjes. En zo’n bloemenweide ziet er ook nog eens vrolijker uit. Win-win dachten wij. Maar áls je dan moet maaien en de bloemenweide staat een halve meter hoog kan de lawaaimaaier het niet meer goed aan… en hier kwam de zeis ten tonele. Echtgenoot Yep kocht eerst een klein zeisje en toen dat best bleek te werken bestelde hij een grote.

Ouderwetsch, niet? Maar wel leuk. Ik ga het ook proberen te leren denk ik. Om de steel te verduurzamen moest het hout volgens de bijsluiter worden ingesmeerd met een mengsel van lijnolie en terpentijnolie. Dat laatste had ik niet in huis, ik wist eigenlijk niet eens wat het was. Maar na enig zoeken vond ik een leverancier waar ik vanmorgen een flesje haalde. De geur van terpentijn blijkt een sneltrein naar de keuken van mijn oma in de jaren zestig: Boenwas.

Wat ik vandaag maakte: Mijn fietstassen vol

Er zijn dagen dat je eigenlijk de auto zou willen nemen naar de volkstuin*

Vandaag was zo’n dag. Ik fietste wankelend naar huis met twee witte kolen, twee rode, tomaten, moesappels, pepers, spekbonen en dahlia’s. De pompoen lag al thuis, ik vind hem zo mooi dat hij ook op de foto mocht.

*dat is natuurlijk niet echt zo. Zeker niet als het zulk lekker weer is, en er is zo’n mooie zonsondergang, en alle andere fietsers kijken jaloers naar je mooie bos dahlia’s…

Wat ik vandaag maakte: Een kip kwaad

Onze kip Fiep heeft een kinderwens. Dat is niet onterecht, ze heeft al twee keer eerder blijk gegeven van een groot talent voor het moederschap. Haar jongste twee, door de Kleindochter Mila en Eend genoemd, zijn nog maar net de puberteit ontgroeid. De schattige gele kuikens groeiden uit tot forse kippen, sneeuwwit met een enkel zwart veertje. Het vermoeden bestaat dat Eend een haan is en ons daarom zal moeten verlaten, maar dat weten we nog niet zeker: Er is nog niet gekraaid en eieren leggen doen de jonkies ook nog niet.

Toch besloot Fiep dat ze weer nieuwe kuikens wil en ze werd broeds. Geen goed idee in September maar ze zit ijzerenheinig in het nachthok een denkbeeldig nest eieren warm te houden. Ze eet weinig, haar kammetje is bleek en verkreukeld en haar veren vallen uit. Als we daar niets aan doen houdt ze dat zomaar een week of zes vol. Een drastische oplossing is de broedse kip apart zetten in een kleine kooi op een betonnen vloer, dan is de broedsheid na een dag of drie wel weg. De keuze tussen zes weken vruchteloos broeden of drie dagen afzien in isolatie hebben wij voor haar gemaakt.

Dus zit ze nu met een éénkips portie eten en drinken opgesloten onder een krat in de garage. En ze is Níet Blij.

Wat ik vandaag maakte: pommes fondant

In de Franse fijne keuken is het een klassieker: pommes fondant. Ik sloeg het snijwerk over, officieel moeten de aardappeltjes tot tonnetjes worden geknutseld, allemaal precies even groot. Zonde van mijn gisteren geoogste Alouettes vond ik. En ik gebruikte geen kalfsfond, maar een zelfgetrokken bouillon van kip en groente. Dus mag het nog pommes fondant heten? Vast niet…

Maar lekker was het wel.

Oude liefde en een beetje roest

Afgelopen woensdag fietste Wout van Aert onnavolgbaar (letterlijk) de Mont Ventoux op. Ik kijk graag naar wielrennen op tv, ik volg de Tour elk jaar met aandacht. Veel van de plaatsen waar het peloton langs komt heb ik ook wel gezien, maar voor de Mont Ventoux heb ik een speciaal plekje in mijn hart. In 2003 fietste ik hem zelf op, ik schreef er een gloedvol verhaal over, nog steeds hier te lezen. Ik deed er logischerwijze meer dan twee keer zo lang over als Wout, maar ik was érg trots op deze prestatie.

Mijn racefiets staat nu al een paar jaar in de schuur. Waarom weet ik niet precies, ik maakte maar af en toe een ritje en verder kwam het er maar niet van. Pijnlijke knie, druk op het werk, moe, lui…. ik heb zóveel goede smoezen! Maar bij het kijken naar de touretappe in de Provence dacht ik: Als van Aert wint ga ik weer fietsen. En hij won! (Ik ben erg goed in magisch denken.)

Dus eergisteren worstelde ik mijn rijwiel vanachter de spullen in de schuur. Ik maakte hem schoon, pompte de banden op en smeerde de ketting. Ik zocht mijn schoenen, handschoenen, fietsbril, helm en bidon weer bij elkaar. Daarna maakte ik een voorzichtig proefritje om te kijken of de uitgedroogde bandjes niet leeg zouden lopen, maar dat werd al snel minder voorzichtig. De bandjes hielden het, allerlei ingedutte systemen werden wakker, de stofwebben waaiden weg. Ohja! Dat was was ook zo! fietsen is leuk!

En Zeeland is mooi.

Plat brood

Brood bakken is een klus waar veel tijd aan te pas komt. Gewoon brood bedoel ik. En er moet een oven aan te pas komen met een behoorlijk hoge temperatuur. Hoe leuk ik het ook vind, de bakker kan het sneller, beter en goedkoper dan ik zelf. (Wij hebben dan ook een écht goede bakker.)

Maar flatbread is een ander verhaal. Snel voorbereid en snel gebakken, geschikt om te beleggen met lekkere smeersels maar ook lekker voor bij de soep of een warme maaltijd. Daarbij is het te maken met materiaal dat ik altijd in huis heb. Daar ging ik eens op oefenen.

Mooie ronde of ovale deegplakjes maken was een uitdaging, maar verder was het volgens dit recept heel niet ingewikkeld. Links is met wat olie gebakken, rechts in een droge koekenpan. Ik had een béétje een pannenkoeken-associatie, het mag nog wel wat bruiner. Een goede aanwinst op het repertoire.

Het oog wil ook wat

Dit jaargetijde wordt soms the hunger gap genoemd: de voorraad van vorig jaar is echt helemaal op en er komt nog niets nieuws van het land. Natuurlijk is de term ontstaan voordat er diepvries was, en internationaal transport. Maar wij volkstuinders, hoewel zonder echte honger, merken er nog wat van. Alleen wat asperges en rabarber komen mee naar huis, een handje rucola links of rechts… en ohja, we aten ook al een keer spinazie.

Die rabarber verwerkte ik in een taartje: shortbread bodem, frangipane er op en daarop weer een patroontje rabarber. Het recept -enigzins ontsuikerd en met de dubbele hoeveelheid rabarber- komt van Smitten Kitchen.

Zoals veel taarten was hij voor het bakken mooier dan er na… we hebben hem gauw opgegeten. Geen last meer van een hunger gap.

Statistieken hebben altijd gelijk

Gespannen keken we uit naar de dag dat volgens onze berekeningen de eieren waarop onze Fiep zat te broeden zouden uitkomen. Op Moederdag zou ze, hoe toepasselijk, een aantal piepende kuikentjes onder de warme vleugels hebben. Waarschijnlijk gele kuikens deze keer, want de broedeieren zijn gelegd door witte en splash Marans. Er was ook een ei van een Bresse kip bij.

De eerste lege eierschaal lag vrijdagavond al naast het nest. Helaas, het kuikentje dat er uit was gekomen de volgende ochtend óók: Het was misvormd en had geen kans op overleven. Fiep had het uit het nest gelegd. Maar er waren nóg zeven eieren.

Een paar uur later meldde zich de volgende, gelukkig helemaal in orde. Weer een paar uur later was er nog een sterfgeval te betreuren, gevolgd door het tweede gezonde kuiken. En daar bleef het bij, vier eieren waaronder het Bresse kwamen niet uit. Twee kuikens is niet veel, wel een béétje teleurstellend. Volgens de kippenhouder waar wij de eieren van kregen is het wel te verklaren door de koude nachten die er geweest zijn. Als een ei twee uur niet onder de kip ligt is het al te koud en wordt het geen kuiken. En ook: volgens de statistieken komt er bij natuurbroed uit ongeveer zestig procent van de eieren een gezond kuiken. Dit is voor ons kippenhouderijtje de derde keer, het eerste nest was zes kuikens uit acht eieren, de tweede keer negen uit negen. En nu dus twee uit acht. In totaal 25 eieren waaruit 17 kuikens kwamen. Dat is nog steeds 68 procent. En wat wel hoopvol is: iets meer dan de helft van de kuikens is volgens de statistiek kip, de rest haantjes. Ik hoop dat deze twee kuikens allebei meisjes zijn en de kans daarop is best aanwezig: van de eerste twee nesten, vijftien kuikens, bleken er maar liefst tien van het mannelijk geslacht. De meiden hebben wat in te halen.

Maar we gaan er eerst volop van genieten want het is weer zó leuk! Fiep is een geweldige moeder. En Kleindochter K. mag de kleintjes namen geven.

Zoetzure tomaten

In augustus vorig jaar maakte ik twee literpotten zoetzure kerstomaatjes in. Ik gebruikte 500 gram azijn en 300 gram suiker, ik deed wat takjes rozemarijn en wat kleine uitjes tussen de tomaten.

Vandaag pas maakte ik een pot open om eens te proeven. Het was een experiment, want er wordt zoetzuur van van alles verkocht, maar van tomaatjes heb ik het nog nooit ergens gezien (of geproefd).

Vreemd, want het is werkelijk heerlijk! de tomaten zijn heel gebleven, hoewel de schil van de meeste wel gebarsten is. Maar ze zijn vol van smaak, de uitjes zijn de scherpte helemaal kwijt maar ze zijn wel knapperig gebleven. Deze gaat in het repertoire blijven.

Wie wat bewaart die geeft wat.

Dik vijf jaar geleden voltooide ik een gebreide deken. Hij lag, tot we de kamer leegmaakten voor de verbouwing, op de bank waar een warm dekentje soms echt lekker is. Kort nadat ik de deken voltooide bedacht ik dat ik nog wol genoeg had om een bijpassend kussen te maken. Eigenlijk niet zo’n goed idee want deze wol is bepaald prikkerig, een kussen voor onder je hoofd bij een middagdutje zou het niet worden. En ik had er na een hele deken genoeg van ook. Uiteindelijk verdween het project, een half kussen groot, onderin de breimand waar het vergeten werd. Tot er twee dingen tegelijk gebeurden: In het kader van diezelfde verbouwing keerde ik de mand om* en Kleindochter K. vroeg of ik een deken voor haar pop wilde maken. Een half kussen is bijna net zo groot als een poppendekentje, ik breide nog twee strookjes en een randje er om heen en voila!

Prima kadootje voor haar vierde verjaardag, overmorgen.

*De inhoud van die mand veroorzaakte een merkwaardig mengsel van gevoelens: hernieuwd enthousiasme, licht schuldgevoel, en nostalgisch weerzien met oude bekenden. Ik ga alles wat uit die mand kwam rollen voltooien, of ik het leuk vind of niet. Project één, Kussen eeeh poppendeken: check.