Plat brood

Brood bakken is een klus waar veel tijd aan te pas komt. Gewoon brood bedoel ik. En er moet een oven aan te pas komen met een behoorlijk hoge temperatuur. Hoe leuk ik het ook vind, de bakker kan het sneller, beter en goedkoper dan ik zelf. (Wij hebben dan ook een écht goede bakker.)

Maar flatbread is een ander verhaal. Snel voorbereid en snel gebakken, geschikt om te beleggen met lekkere smeersels maar ook lekker voor bij de soep of een warme maaltijd. Daarbij is het te maken met materiaal dat ik altijd in huis heb. Daar ging ik eens op oefenen.

Mooie ronde of ovale deegplakjes maken was een uitdaging, maar verder was het volgens dit recept heel niet ingewikkeld. Links is met wat olie gebakken, rechts in een droge koekenpan. Ik had een béétje een pannenkoeken-associatie, het mag nog wel wat bruiner. Een goede aanwinst op het repertoire.

Het oog wil ook wat

Dit jaargetijde wordt soms the hunger gap genoemd: de voorraad van vorig jaar is echt helemaal op en er komt nog niets nieuws van het land. Natuurlijk is de term ontstaan voordat er diepvries was, en internationaal transport. Maar wij volkstuinders, hoewel zonder echte honger, merken er nog wat van. Alleen wat asperges en rabarber komen mee naar huis, een handje rucola links of rechts… en ohja, we aten ook al een keer spinazie.

Die rabarber verwerkte ik in een taartje: shortbread bodem, frangipane er op en daarop weer een patroontje rabarber. Het recept -enigzins ontsuikerd en met de dubbele hoeveelheid rabarber- komt van Smitten Kitchen.

Zoals veel taarten was hij voor het bakken mooier dan er na… we hebben hem gauw opgegeten. Geen last meer van een hunger gap.

Zoetzure tomaten

In augustus vorig jaar maakte ik twee literpotten zoetzure kerstomaatjes in. Ik gebruikte 500 gram azijn en 300 gram suiker, ik deed wat takjes rozemarijn en wat kleine uitjes tussen de tomaten.

Vandaag pas maakte ik een pot open om eens te proeven. Het was een experiment, want er wordt zoetzuur van van alles verkocht, maar van tomaatjes heb ik het nog nooit ergens gezien (of geproefd).

Vreemd, want het is werkelijk heerlijk! de tomaten zijn heel gebleven, hoewel de schil van de meeste wel gebarsten is. Maar ze zijn vol van smaak, de uitjes zijn de scherpte helemaal kwijt maar ze zijn wel knapperig gebleven. Deze gaat in het repertoire blijven.

De perfecte appeltaart

Er komen zakken vol appels uit de tuin, vooral veel zoete Elstar. En wat doet een mens met zoveel appels? Appelmoes, appelsap, gedroogde appels, appels op alle toetjes en ontbijten en bij de lunch. En appeltaart. Nu is de traditionele Oud-Hollandsche appeltaart natuurlijk héérlijk, maar hij bevat behoorlijk veel suiker. In andere appeltaart-landen (de VS, Nieuw Zeeland) zit er geen suiker in het deeg van de taart, maar in de vulling wordt wel meer verwerkt, vaak liggen de appeltjes in een soort van sausje. En de taart wordt warm met ijs of koud met custard gegeten als toetje. Ik besloot eens fijn te experimenteren.

Inspiratie was vooral deze foto -van een nog ongebakken taart- gemaakt door cloudykitchen. Prachtig toch? Ik ging aan de slag met haar recept.

Het resultaat ziet er héél anders uit. Maar: in het deeg zit geen suiker. Wel behoorlijk veel boter. Ik schudde de appelstukjes voor ik ze in de taart deed met kaneel en een beetje custardpoeder, om het vocht wat te binden. Het was een lekkere taart, maar het smaakte wat vlak.

Taart nummer twee haalde de foto niet eens. Het was hetzelfde recept, maar met minder boter door het deeg, en kaneel, custard, een ei en wat honing door de vulling. Honing is natuurlijk óók suiker… maar ik wilde toch wat meer feestelijk: Ja! Taart! en minder boterham-met-appel gevoel. De korst van deze was wel het lekkerste van de drie, de vulling nog steeds niet helemaal geweldig.

De derde taart kreeg nog minder boter in het deeg. En voor de vulling schudde ik een theelepel kaneel, een beetje kruidnagel (echt een heel klein beetje, want dat is snel te overheersend) en een eetlepel custard door de appelschijfjes, en daarna de geraspte schil én het sap van een citroen. Dat was echt heerlijk, fris en fruitig, niet te zoet maar de suiker werd niet gemist. De korst was na een dag al niet zo lekker meer, nogal kartonnig. Dus: Vulling zie boven en deeg van 260 gram bloem, een eetlepel basterdsuiker, wat zout, 150 gram ijskoude boter, een klein ei en wat ijswater met een lepel azijn er door, voor werkwijze zie hier . Ik halveerde overigens het originele recept voor een wat kleiner taartje. We hebben tenslotte een 2 persoons huishouden en weinig bereidwillige mede-proevers met de Coronatoestand en alles. Helaas zijn nu de appels weer op.

Selderij en selderij en zout

Dit jaar lukten de selderijknollen geweldig goed in de tuin. Minstens zes stonden er, ieder ter grootte van een kinderhoofdje. En de tweede rij zag er minstens zo veelbelovend uit.

Bladselderij

Misschien zelfs mooier, het loof was in ieder geval groot en groen. Vorige week trok ik eens aan een plant in die tweede rij en ontdekte dat dat helemaal geen knolselderij was. Het was bladselderij of misschien bleekselderij, in dit geval dus niet gebleekte bleekselderij. Niet getreurd, ik verhakselde een halve struik om in te vriezen met wortelen, bloemkool en prei als soepgroente. Terwijl ik dat deed en de geur van verse selderij door de keuken zweefde dacht ik terug aan vroeger. Tegenwoordig eten we vaak een boterham met kaas en tomaat. En soms ook nog met mayonaise of pesto of een uitje. Vroeger thuis kregen we ook wel tomaat op brood, maar dubbel beleg, daar deed mijn moeder niet aan. We kregen brood met tomaat en een beetje selderijzout. Ik googelde eens wat, selderijzout is natuurlijk gewoon nog verkrijgbaar, het wordt gemaakt van selderijzaad en zout. Maar selderijzaad had ik niet, het blad wel.

gedroogd blad

Ik droogde het blad in de voedseldroger tot het helemaal bros was, en ook de schuur (waar het apparaat staat) helemaal naar selderij rook.

selderijzout

Daarna maalde ik het in het kruidenmolentje tot poeder, zeefde de restjes van de stengeltjes er uit en mengde het met keukenzout. Ik nam een plakje tomaat en bestrooide dat met het mengseltje, nam een hap…. en voelde me opeens weer acht.

Noten

Toen we via Velt het aanbod kregen om noten te gaan rapen hoefden we niet lang na te denken. We hebben een hazelaar die ons elk jaar wel een kilo of drie levert, maar walnoten zijn ook niet te versmaden. Tegen een vergoeding mochten we noten gaan rapen bij iemand die te véél walnotenbomen heeft. K:)dootje en haar meneer waren wel geïnteresseerd om mee te gaan en de buit te delen. We hadden vijftien kilo afgesproken maar dat is best veel: Drie emmers met een kop er op.

Dat rapen was leuk om te doen, we troffen mooi weer en de notenbomen stonden in een prachtige tuin, meer een soort van landgoed. Ik heb helaas geen foto’s gemaakt. Uiteindelijk kwam er zelfs nog een emmer bij en reden we elk met tien kilo noten naar huis. Bij thuiskomst moesten de noten eerst gedroogd worden, daarvoor hebben we de voedseldroger ingezet.

Vandaag kraakte ik er een heleboel, anderhalve kilo denk ik, hoewel de doos waarin we ze bewaren niets leger lijkt. Ik bakte er een Engadiner notentaart van. Dat is best een stevige en voedzame taart, maar gelukkig is hij ook lang houdbaar. Ik vrees alleen dat dat lang houdbaar alleen theorie is, want hij is ook Serieus Lekker.

Ik maakte nog een paar koekjes van de restjes van het deeg. Er ging 350 gram noten in, eerder vandaag zag ik bij de supermarkt 100 gram gepelde walnoten voor €3,28, dus in mijn taart zit voor ongeveer €11,50 aan noten. Maar de mijne waren een stuk goedkoper, én onbespoten, én niet in plastic verpakt, én heel erg lokaal. Dat maakt die taart nóg lekkerder! Ik ga gauw nog een stukje nemen.

Nokkie

Dit jaar kwam er meer dan 80 kilo aardappelen van de tuin. We dringen ze aan familie en aan onze buren op, K:)dootje en haar meneer eten mee, maar nog steeds zijn er meer aardappelen dan we op kunnen. Het leek me een goed idee om in plaats van pasta (dat toch minstens een keer per week op ons menu staat) gnocci te gaan maken. Daarin zit behoorlijk wat aardappel verwerkt, en de meeste pastasauzen passen er bij. In Home Made, het onvolprezen standaardwerk van Yvette van Boven staat uitgebreid beschreven hoe je gnocci maakt, en waarachtig, het lukte prima! Eén kilo gekookte en gepureerde aardappelen, een ei en 300 gram bloem door elkaar kneden tot een deeg, daarvan slierten rollen en “kussentjes” snijden. En daarna de stukjes over een vork rollen om er ribbeltjes in te maken. Leuk werkje.

Ik kookte er meteen na het maken een handvol als test, we aten ze met wat bruine boter. Heerlijk! Ik werd er helemaal zelfingenomen van. (Het gebeurt me vaak, dat ik iets te vroeg denk dat ik een kunstje beheers.)

De rest van de gnocci vroor ik in porties in. Vanavond haalde ik een zakje gnocci uit de vriezer, liet het min of meer ontdooien en mikte ze in kokend water. Ik was van plan ze na het koken in een ovenschaal rondom een stukje roodbaars te schikken en overgoten met een tomaten-uiensaus en wat Parmezaanse kaas te gratineren. Maar…. de helft van mijn gnocci loste op in het kokende water, het werd een troebel aardappel-meelsoepje. Er bleven er gelukkig nog wel een paar heel, die ik snel uit het water viste en halfgaar in de ovenschotel deed. Maar da’s toch vreemd… ik ga eens uitzoeken waar dat van kwam.

Tomaten tomaten tomaten

Het is een goed tomatenjaar. Heerlijk! We hebben grote zoete ossenhart-tomaten, charmant gestreepte frisse tigerella’s, langgerekte Roma tomaten, allerlei kleuren cherrytomaatjes en groene tomaten uit zaad dat ik vorig jaar uit een exemplaar van een tuinbuurman overhield, ik weet niet hoe ze heten*. De charme ervan is dat je verwacht dat ze wel hard en zuur zullen zijn, want ze zijn groen. Maar ze zijn heerlijk rijp, sappig en fris.

tomaten

Ik maakte grote hoeveelheden tomatensaus in. (Tomaten in stukken op de bakplaat, ui erbij, peper en zout, wat olie en honing er over kwasten, bakken in de oven op 180 graden tot de randjes bruin zijn (en het heerlijk ruikt) en dan de hele zaak in de blender tot het helemaal glad is. Gewoon met pitjes en schil erbij. Dan weer verhitten en in brandschone potten verpakken.) We kunnen waarschijnlijk een jaar vooruit met een plank vol potten.

zoetzuur

Ook maakte ik van de kerstomaatjes zoetzuur. Ik weet niet hoe dat gaat uitpakken, want echt goed heet inmaken gaat niet. Dan barsten namelijk de tomaatjes. Over een week of wat zullen we ze eens proeven.

ketchup

En ik kookte een grote schaal vol tomaten tot ketchup, naar een recept van Yvette van Boven Ook leuk om te doen, het smaakt super! En ondertussen komen er meer komkommers uit de kas dan we op kunnen, leveren de courgetteplanten nog steeds, komen de eerste valappels al mee naar huis en zijn er pastinaak, peper, witte kool, snijbiet, winterwortel, aardappelen, boontjes en uien te oogsten. Wat een weelde.

*ik denk dat de soort green zebra heet

Cherrypicking

De kersen zijn rijp. Inmiddels hebben we twéé volwassen bomen die we met een net tegen vraatzuchtige vogels beschermen (want we zijn zelf ook best vraatzuchtig, als het op kersen aankomt). Ook hebben we een paar middelen om de schade van de kersenvlieg wat te beperken. Dat is vooral voor de mannelijke kersenvlieg geen leuke methode. Hij verwacht op een bereidwillig en prettig geparfumeerd kersenvliegmeisje af te vliegen maar eindigt, zonder voor nageslacht te zorgen, in onze feromonenval.

Dus plukten we kersen. Emmers vol. Wat een weelde. Twee weken lang waren er kersen bij het ontbijt en als nagerecht en als tussendoortje. De buren, K:)dootje en haar meneer, collega’s en kleindochter K. hielpen ook mee eten. En toen waren er nog heel veel. Ik maakte kersen in op lichte siroop en ook een pot met Cointreau, (ik ben benieuwd) en ik maakte kersenlimonade van de rest van de siroop. Ik maakte kersenjam en ook kersen-bessenjam, want de aalbessen waren ook rijp.

Ik ontpitte en halveerde er een heleboel en droogde ze in de voedseldroger. Misschien zien ze er wat onooglijk uit, maar de smaak is geweldig. Ze kunnen in plaats van rozijnen door de muesli, misschien probeer ik binnenkort eens een kersenbrood ermee te bakken.

We aten clafoutis. Een Frans nagerecht, maar de volgende dag ook erg geschikt als ontbijt.

Toen waren er nog steeds twee volle emmers en kreeg ik tijdgebrek. Die laatste emmers heb ik alleen gewassen, ontpit en los van elkaar bevroren. Daarna zijn ze in zakken in de vriezer opgeborgen. Ik denk dat we er nog erg veel plezier van gaan hebben! En ik heb goede hoop dat mijn handen vóór de kerst weer schoon zullen zijn.