Category Archives: Keuken

Soufflé

De laatste pompoen van 2016

Yotam Ottolenghi noemt dit gerecht “Halloween soufflé”. Omdat veel mensen het eng vinden om te maken en omdat pompoenen bij Halloween horen. Ik had nog twee spaghettipompoenen liggen die nu, begin februari, toch echt op moesten dus maakte ik het als hoofdgerecht. De soufflé bevat gepureerde geroosterde pompoen en fijn geraspte oude geitenkaas en verder is het een klassieke bereiding met bechamelsaus, eidooiers en opgeklopt eiwit. Ik maakte het niet in ramekins zoals het eigenlijk hoort maar ik gebruikte twee diepe borden. Het was niet eng en het zakte niet in. Mede dankzij de pittige kaas was de smaak erg lekker, maar de substantie vond ik een beetje saai. Inderdaad iets voor een voorgerecht.

Wat ik maakte: Spruiten schoon

De laatste oogst van tuinseizoen 2016

Zelfs in de laatste week van januari kun je nog uit eigen tuin eten. Eerlijk is eerlijk, als het in de winkel lag zou ik het niet kopen, het zijn zulke kleine spruitjes…. Een heel werk om ze schoon te krijgen. Maar als je ze zelf gekweekt hebt is het anders.

Wat ik maakte: Wortelsalade

23 januari 2017:

Wortelsalade volgens Yotam Ottolenghi

Het kookboek “Plenty” blijft een bron van vreugde. Ik maakte er de Marokkaanse wortelsalade uit. Hoewel het woord salade niet direct in me opkomt bij het eten van deze worteltjes. Weliswaar wordt het gerecht koud gegeten, maar door de kruiden is het beslist warm van smaak.

 

Wat we vandaag maakten: zuurkool

15 januari 2017

de jaarlijkse zuurkoolstamp

Traditioneel verwerken we onze witte kool-oogst tot zuurkool. Minstens zo traditioneel doen we dat niet, zoals het beste zou zijn, direct na de oogst maar wachten we daar een maand mee. Of méér dan een maand, we zijn niet zulke accurate tuinders als we zouden willen zijn. En zoals elk jaar moeten we er wat bij kopen om een zinvolle hoeveelheid kool te hebben… maar dat komt niet door ons geteut. Er zijn beestjes die ook graag witte kool lusten, meestal nemen ze wel wat meer dan we af willen staan. Aan de andere kant, na de koolconsumptie worden het mooie vlindertjes, dat is ook wat waard, dus bestrijden we ze niet. We kopen gewoon op de markt nog een (biologische) kool of twee er bij. Vanmiddag schaafde ik vijf kolen tot sliertjes, Echtgenoot Yep pakte ze stevig in de zuurkoolpot met wat zout, een paar peperkorrels, jeneverbessen en een scheut witte wijn en stampte de zaak stevig aan.

Hij dekte het af met een paar hele koolbladeren en verzwaarde dat met een paar passende stenen. De pot sluit met een waterslot en blijft de komende dagen in de keuken. Dan komt het fermentatieproces op gang en gaat het waterslot gezellige “ploep” geluidjes maken. Daarna mag het wat langzamer gaan en zetten we de pot koeler, in de schuur. Over een week of zes maak ik hem open en hebben we voor minstens tien maaltijden heerlijke zuurkool.

Wat ik maakte: Tajine met kip en olijven

10 januari 2017:

best een prettige maaltijd

Ik sneed een aubergine in blokjes, die ik snel bruin bakte in de koekenpan met een klein beetje olie. Dat deed ik in de tajine. Daarna bakte ik in dezelfde koekenpan wat stukjes kipdijfilet die ik van tevoren had gemarineerd in harissa-pasta. Toen ze wat gebruind waren gingen ze bij de aubergine, samen met een halve pot olijven en een gepekelde citroen in kleine stukjes en nog wat water. Na een kwartiertje pruttelen-waarin de couscous werd bereid- versierde ik het geheel met een handje gehakte peterselie en wat geroosterde pijnboompitjes.

 

Wat ik maakte: opschriften

6 januari 2017

Nooit meer etiketjes

Sommige ideeën zijn zo goed dat je niet snapt dat je jarenlang etiketjes koopt, schrijft, plakt en uiteindelijk met veel moeite weer van het inmiddels lege glas peutert. Lang leve de glasstift.

Wat ik misschien maak: Taugé

5 januari 2016:

Mungboontjes in een potje

In een Japans-Koreaanse supermarkt in Amsterdam kocht ik een zak mungbonen. Dit zijn de boontjes die in ontkiemde staat taugé heten, hoewel ze natuurlijk ook gewoon als boontjes te eten zijn. Ik deed een handje ervan in een grote glazen pot en liet ze een paar uur onder water staan, daarna goot ik het water af. Het voorschrift is dat de boontjes elke dag twee tot drie keer gespoeld worden. Als ze te nat zijn gaat het mis, daar kunnen ze niet tegen.  Dus afspoelen, afgieten en hup weer terug in de pot is het voorschrift. De pot moet afgedekt met een doekje in de donkere kast staan. Als het allemaal goed gaat kunnen we na een dag of wat lekker verse taugé eten. De boontjes zijn na dag één dubbel zo groot, ik ben benieuwd!

Wat ik vandaag maakte: Cocottes met bonen

4 januari 2017:

Een makkelijk hoofdgerecht

Uit het Winterboek van Yvette van Boven haalde ik dit recept voor een ovenschotel van witte bonen, met wortel en bleekselderij en tomatensaus. De witte bonen had ik eergisteren al gekookt.De grap zit hem in de gepofte knoflook die erover moet worden verdeeld. Ik kreeg dat niet goed voor elkaar, dus maalde ik een stuk oud brood, een handvol geraspte kaas en de dubbele hoeveelheid gepofte knoflook in de keukenmachine tot gruis en vormde daarvan een laagje op de gevulde cocottes. Dat werd in de oven een hartig-knapperig korstje, een prima hoofdgerecht zo!

Wat ik maakte: lamsbout van zeven uur

Tweede kerstdag:

Een klassieker.

Tweede kerstdag zorgde schoondochter J voor het voorgerecht (dumplings!) en Dochter voor het toetje (Mousse van dulce de leche!). Dus mocht ik het hoofdgerecht maken. Ik kocht een Zeeuwse lamsbout van twee (!!) kilo, die de slager gelukkig voor me uitbeende. Ik pelde anderhalve bol knoflook en stak de teentjes in sneetjes die ik in de bout maakte. Dat deed ik ook met plukjes verse rozemarijn. Het geheel braden was wel wat gedoe, het is lastig manoeuvreren, zo’n groot stuk vlees. Maar daarna stond hij uuuren in de oven, in een pan dichtgeplakt met een deegje van bloem en water op een temperatuur van 120 graden. Er was aardappelpuree, rode kool, appelmoes en witlofsalade bij. Wat een feestelijke maaltijd. En wat was het gezellig!

Wat ik vandaag maakte: lekker eten

6 december 2016:

Gekaramelliseerde venkel met geitenkaas

Een recept uit “Plenty” van Yotam Ottolenghi.