Ik hou echt érg veel van erwtjes.
Bij het kweken van erwtjes -vooral bij de erwtjes- nemen we veel maatregelen om ze zelf te kunnen opeten, want werkelijk alles dat op het tuincomplex leeft is er dol op. Om te beginnen moeten de muizen bij het zaaigoed weg gehouden worden. Dat doe ik door te zaaien in dakgoten, die ik in stukken van ongeveer een meter heb gezaagd. Ik plak een stuk ducttape over de uiteinden, daarbij laat ik onderaan een opening voor afwatering vrij. Compost en tuinaarde er in en elke 5 centimeter een erwtje.
Deze dakgoten staan dan enkele weken op een tafel. Tot nu toe zijn de muizen nog niet tot bovenop die tafel gevorderd. Vogels houden ook van erwtjes en kunnen ze heel goed vinden in het dakgoot-systeem, dus over de tafel staat een soort van tentje van fijnmazig kippengaas. Als de erwten uitgroeien tot plantjes vervlechten hun worteltjes in de dakgoot. Ondertussen maak ik elders in de tuin een paar hekken van rekken en paaltjes, waar de erwtenplanten in gaan klimmen. Als de plantjes groot genoeg zijn (dan hebben de muizen geen interesse meer) graaf ik een geultje onder zo’n hek, haal het tape van een uiteinde van een dakgoot af en schuif de hele rij plantjes er in één beweging uit, in de geul, op zijn plaats. Om de vogels, de hazen en de reeën bij de erwtjes weg te houden overspan ik de hele zaak, hekken en plantjes en al, met een net. Dan blijft er nog één diersoort over die zich niets van mijn netten aantrekt, mijn plantjes graag lust, en die in het verleden ook weleens allemaal heeft opgegeten: Slakken. Maar dank zij een briljante tip van een mede-Velt lid blijven die er nu ook af.
Rondom mijn planten leg ik strengen schapenwol. Gewoon, ongewassen, zo van het schaap. Daar kunnen slakken, zo blijkt, niet overheen. Ook rondom allerlei andere planten in de tuin ligt zo’n wollig heksenkringetje. En het lijkt écht te werken!



